!i

Wat is anesthesie?

Anesthesie betekent: niet gewaar worden, niet voelen en is het proces om de waarneming van pijn en andere negatieve gevoelens te blokkeren. De medicijnen die verdoving veroorzaken, worden verdovingsmiddelen of anesthetica genoemd.

Anesthetica worden gebruikt tijdens chirurgische ingrepen of andere pijnlijke procedures zoals bevallingen, maag-darmonderzoeken e.d. Ze schakelen het gevoel in bepaalde gebieden van het lichaam uit en induceren slaap.

Heel wat medische procedures worden uitgevoerd onder anesthesie. 

Soorten anesthesie

Algemene anesthesie

Bij de algemene anesthesie of narcose wordt uw hele lichaam verdoofd en bent u tijdelijk in een geïnduceerde slaap. Bij een algemene verdoving krijgt u via een infuus medicijnen waardoor u in slaap valt. Ondertussen vraagt de anesthesist u diep in en uit te ademen in een masker met zuivere zuurstof. Na het inspuiten van de medicatie verliest u zeer snel het bewustzijn. 

Lokale anesthesie

Een andere vorm van anesthesie is de lokale anesthesie. U krijgt dan één of meer injecties met verdovingsvloeistof. Zo wordt een klein stukje van uw lichaam plaatselijk verdoofd. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij het hechten van een wonde.

Regionale verdoving

Deze plaatselijke verdoving wordt toegediend in een specifieke regio van uw lichaam, bijvoorbeeld een been of een arm, waardoor een gedeelte van het lichaam tijdelijk gevoelloos wordt gemaakt.

Mogelijke bijwerkingen

Anesthesieproducten kunnen bij sommige mensen bijwerkingen veroorzaken. Uw anesthesist zal u hierover informeren.

  • misselijkheid of braken
  • gevoel van koude of rillingen
  • allergische reacties op de medicatie zoals hoofdpijn en jeuk
  • keelpijn door het plaatsen van een buisje in de luchtpijp

De bijwerkingen van narcose zijn meestal van korte duur.